Oud- conservator Planetarium Henk Nieuwenhuis vertelt over ‘meteorieten’

LEEUWARDEN - Henk Nieuwenhuis, voormalig conservator van het Eise Eisinga Planetarium in Franeker, geeft zaterdag 26 januari (14u) een lezing bij de Weer- en Sterrenkundevereniging Gemma Frisius in Leeuwarden over meteorieten. De 97-jarige sterrenkundige prof. Kees de Jager vertelt deze middag over het levenseinde van de zon.

In het voorprogramma vertelt Henk Nieuwenhuis (80) over hoe je zelf een meteoriet kunt vinden. In Nederland zijn tot nu toe zes meteorieten gevonden. Dat betekent dus dat ze niet voor het oprapen liggen. Het is zelfs zo dat de oudste vier gevonden zijn doordat men ze vanuit de ruimte op aarde heeft zien neerkomen.

,,De jongste twee sloegen door een dak van een huis, één in 1990 en de laatste viel in 2017 door het dak van een tuinhuisje. In de periode dat ik directeur/conservator van het Koninklijk Eise Eisinga Planetarium was zijn mij tientallen vermeende meteorieten onder ogen gekomen. De verhalen van deze vondsten waren vaak heel overtuigend maar niet één keer bleek dat het om een echte meteoriet ging.

Omdat die verhalen vaak heel bijzonder en boeiend waren en soms ook wel wat lachwekkend wil ik daar in dit voorprogramma eens aandacht aan besteden”.

Henk Nieuwenhuis was conservator van het Eise Eisinga Planetarium, er is een planetoïde naar hem genoemd en hij is sinds 1963 lid van Gemma Frisius.

Levensloop en levenseinde van de zon

De hoofdlezing, verzorgd door professor Kees de Jager, heeft als titel: Levensloop en levenseinde van de zon. De zon werd 4,7 miljard jaar geleden geboren in een compacte gaswolk. Misschien was het een zogenoemd Bok globule; hij zal in elk geval wel geboren zijn in een ‘reuze moleculaire wolk’. Het comprimeren tot een echte ster duurde ruim 10 miljoen jaren en vanaf toen werd de zonne-energie geleverd door de fusie van waterstof tot helium.

Over ongeveer 7 miljard jaar is de kernenergie op en dan is het einde van de zon nabij. Hij zal gaan pulseren: uitzetten en inkrimpen met golvende bewegingen, met een periode van enkele honderden dagen, waarbij hij enkele honderden malen zo groot wordt als de zon nu is. De planeten Mercurius en Venus zullen dan opgeslokt zijn en een oververhitte geschroeide aarde raast langs zijn oppervlak.

Witte dwerg

Als alle kernenergie op is stort hij ineen tot een zogenoemde witte dwerg. Het gas van de buitenste schillen wordt uitgestoten en toont zich aan ons als een bolvormige nevel. Dit heet een planetaire nevel. Er zijn planetaire nevels die uit meerdere schillen bestaan, wat erop kan duiden dat er sprake is geweest van meer dan één eindexplosie.

Onderzoek

Prof. Kees de Jager is geboren in Nederlands-Indië. In 1939 ging hij aan de Universiteit van Utrecht wis-, natuur- en sterrenkunde studeren. Eind 1942 haalde hij het kandidaatsexamen. Tijdens de oorlog zat hij ondergedoken op de sterrenwacht De Sonnenborgh. In 1952 promoveerde hij bij Marcel Minnaert cum laude op een proefschrift met de titel The Hydrogen Spectrum of the Sun. Vervolgens is hij decennialang voornamelijk betrokken geweest bij zonneonderzoek. Hij heeft diverse ruimte-experimenten geleid ten behoeve van onderzoek naar zonne- en sterrenvlammen.

In 2003 verhuisde Kees de Jager van Utrecht naar Texel waar hij vrijwillige medewerker werd bij het Nederlands Instituut voor Onderzoek der Zee voor de bestudering van zon-klimaat-relaties.