Eddy de Vries koestert kaatsverhalen

FRANEKER

Toen Eddy de Vries als klein jongetje hoorde dat zijn opa vroeger een koning was geweest, wist hij niet wat hij hoorde. Dat het niet om een ‘echte’ koning ging, maar dat opa Sikke koning van de PC in Franeker geworden was, daar kwam de jonge Eddy pas later achter.

Zijn interesse was gewekt toen hij het verhaal hoorde. Zijn vader vertelde hem het verhaal van de glorietijd van zijn opa. Die verhalen van toen boeiden De Vries, ze lieten hem niet los. Aan de hand van verhalen en van alle informatie maakte hij verhalen over kaatsers van toen. De verhalen zullen de komende tijd in de Franeker Courant te lezen zijn.

Bijzondere verhalen

Vijftig jaar geleden werd De Vries in Harlingen geboren als echte ouwe seun. Zijn opa Sikke heeft hij nooit gekend, hij overleed toen Eddy een jaar was. De verhalen kent hij van zijn vader, van hem leerde hij alles over het kaatsen en wat het betekende om koning van de PC te worden.

Van een oudere tante hoorde hij later nog meer en De Vries besloot dat de heroïsche verhalen van kaatsers uit een roemrucht verleden niet verloren mochten gaan. Hij is in de historie gedoken en heeft aan de hand van internet en het archief van het Kaatsmuseum veel informatie kunnen achterhalen.

,,Hoewel het over lang geleden gaat, is er toch behoorlijk wat te vinden. Het zijn stuk voor stuk bijzondere verhalen, over kaatsers die op vrijdag al op de fiets stapten en overnachtten om op zaterdag een heel eind verderop te kunnen kaatsen. Over kaatsers die het niet breed hadden en die hun prijzen verkochten om zo wat beter rond te kunnen komen.”

Boeiend spel

Zelf heeft De Vries ook gekaatst: ,,Mijn carrière is niet echt wat geworden. Ik heb voor kaatsvereniging Eendracht gekaatst en mocht graag meedoen aan het Lanenkaatsen. Bij het Lanenkaatsen heb ik mijn schouder kapot geslagen, kaatsen lukt niet meer. Toen ik voor het Harlinger partuur uitkwam als jongen, maar ze in mijn plaats een andere kaatser naar de Freule lieten gaan, hield ik het kaatsen voor gezien.”

Toch bleef het spelletje hem boeien, vooral de kaatsers met een mooie techniek, die het spel ook nog eens tactisch speelden, trokken zijn interesse. ,,Vooral het kaatsen van vroeger, die sfeer van de jaren twintig, op de fiets naar het kaatsen. Kaatsers van nu gaan met hun partuur in de auto naar de wedstrijd en meteen als ze eraf zijn, vertrekken ze weer. Kaatsen was vroeger meer spektakel, er was natuurlijk ook veel minder concurrentie van andere evenementen dan nu.”

Vastbijten

Na het overlijden van zijn vader vond De Vries krantenknipsels van vroeger en brieven van zijn opa die naar Amerika geëmigreerd was, maar na een relatief kort verblijf terug keerde naar Nederland. ,,In Amerika heeft mijn opa ook gekaatst, daar schrijft hij over in zijn brieven.”

Het was lastig voor De Vries om de historie van het Harlinger Eendracht na te gaan. In de oorlog is heel veel administratie van Eendracht vernietigd. Toch beet hij zich er in vast en na het verhaal over zijn opa volgden er andere verhalen.

,,Over Ids Roukema heb ik ook een verhaal geschreven, eveneens een Harlinger kaatser die de PC won. Een kleurrijk mens. Er zijn zoveel mooie verhalen over kaatsers en het kaatsen van toen die de aandacht verdienen, die niet verloren mogen gaan. Daarom ben ik ze vast gaan leggen.”