Onlosmakelijk verbonden met muziek

OUDE-BILDTZIJL - Hij is een muzikant die graag werkt aan verschillende projecten, grafisch vormgever en initiator van een voedselbos op Oude-Bildtzijl. Een eenzijdig leven heeft Jan de Vries allerminst.

De Vries is een echte ‘Bilkert’. Hij is geboren in Sint Jacobiparochie, waar hij op zijn achtste blokfluitles krijgt. In een klein gebouw achter de kerk komt elke week een leraar, meneer Norbruis, die de lessen geeft. De man speelt ook orgel, en dat spreekt De Vries aan. Zijn ouders gaan akkoord met de aanschaf van een orgel, en Norbruis wordt muziekdocent aan huis. ,,Hij had ‘n flessy Berenburg in de bús en nam an ‘t begin altyd ‘n slokky. De lessen waren altyd heel leuk,” lacht De Vries.

Zelf uitvinden

Door persoonlijke omstandigheden stopt Norbruis na wat jaren met lesgeven. De Vries krijgt voortaan les op de muziekschool in Sint Annaparochie. ,,Fan ‘n stringe meester in krytstreeppak. Ik most etudes speule. Dat fon ik helendal niks.” Maar zijn ouders hebben dat orgel gekocht, dus krijgt hij het niet over zijn hart om te stoppen. Hij maakt er maar het beste van: speelt vooral liedjes van de radio na, en de stukken die hij eigenlijk moet leren blijven erbij. “Ik fon ‘t ok wel mooi om dingen sels út te finen.”

Hoe dan ook, uiteindelijk besluit hij toch te stoppen met de muzieklessen. De muziek verdwijnt naar de achtergrond, en aan het bespelen van het orgel moet hij niet meer denken: “Ik had d’r myn nocht fan. Hij vermaakt zich met grasbaanraces en het sleutelen aan brommers. Gaat naar de Bakkerij en Horeca Vakschool en is een tijdlang restaurantkok in het Oranjehotel in Leeuwarden. Daar komt een eind aan wanneer hij een allergie ontwikkelt voor vis. Hij schoolt zich om tot grafisch vormgever. “Heel wat âns, maar ‘t het ok met kreätiviteit te maken.”

‘Speule in kroechys’

Hij rondt de tweejarige opleiding met succes af, en gaat vervolgens voor reclamebureaus aan het werk. Ondertussen ziet hij als jonge twintiger een ontwikkeling op gang komen op het Bildt; verschillende bands zien het levenslicht. Een vriend van hem speelt in Nog Niks, weer een andere in Storing. Jan koopt een mondharmonica en speelt eens mee met Storing. De muzikanten zijn enthousiast, en zo belandt Jan in zijn eerste band. “Maar mondharmoenika is ok maar ‘n dînchy. Dus daan ik de piano d’rbij. Ik wou liever gitaar, maar had fansels die orgelachtergrônd.”

Na een tijd koopt Jan toch een gitaar. En met dit instrument wordt hij in 1989 lid van de fonkelnieuwe band Feetwarmers. Eén van de eerste optredens die de band heeft, is al in het buitenland; ze gaan met een kroegbaas uit het dorp naar Tsjechië. ,,De avens in kroechys wat speule. Bijnander sitten gaan en dan The Pogues, Johnny Cash, dat soort mezyk.” Nadat de band weer in Nederland is aangekomen, volgt het ene na het andere optreden, en worden er door de decennia heen drie albums opgenomen.

Mooie reacties

Jan kan zijn ei prima kwijt bij de band. Grotendeels, dan toch. Hij schrijft nummers, maar soms ontstaan er liedjes die volgens hem minder geschikt zijn voor de Feetwarmers. ,,Die lêge dichter bij mijsels. Wat ik sels metmaakt had. Dat blyft dan lang lêgen op de plank, ik durde d’r niet met na búttenen te treden.” Toch komt er een solo-optreden, en dan wel op het Tsjochfestival in Drachten. ,,Ik kreeg fantastys mooie reäksys. Doe bin ik dermet deurgaan.”

In 2013 brengt hij zijn eerste soloalbum uit: ‘Sieleroersels’. Hij hoopt dat zijn muziek mensen raakt, en dat het iets van herkenning oproept. Uit de reacties die hij krijgt, blijkt dat het geval. ,,Ok it Bildts watst derin brúkst is belangryk. Dat waardere mînsen och soa, dat je de taal wat levendig houwe.”

Hij is volgens eigen zeggen niet een heel snelle schrijver. Daarnaast is hij iemand met een brede belangstelling. Wanneer J.J. Cale in 2013 overlijdt, vindt er op het Bildt een tribute plaats. Of Jan ook wat nummers van J.J. Cale wil spelen. Dat wil hij wel. ,,Maar ik hew se wel in de Bildtse taal set. Die hew ik der speuld. ‘t Waren metnander acht. Ik docht: ik doen d’r nag ‘n paar bij en dan kin ik d’r ‘n album fan make.” Opnieuw die lach: ,,Dat mot nag altyd. D’r komt ider keer ânder werk bij.”

Muzikale uitstapjes

Om te beginnen het werk als grafisch vormgever, dat hij nog altijd doet. Daarnaast uitstapjes naar andere muziekprojecten. Zo speelt hij in 2017 mee in de succesvolle voorstelling De Brekbere Sirkel. In 2018 is hij solo en met de Feetwarmers volop in de weer met verschillende LF2018-projecten zoals Altyd Seumer en Silte Liefde. Ook zijn er optredens in het kader van de Bildtse Aardappelweken en tijdens de opening van de expositie ‘Kûnstsinnige eerappels’ in het Fries Museum. En hij heeft muziek geschreven voor de foto-installaties Bildtstars en Eigenheimers. Om maar wat te noemen.

Het is daarnaast niet alleen muziek die de klok slaat. Als hij op een dag een uitzending van Tegenlicht kijkt, over het geldsysteem, is dat voor hem een wake-up call. “Ons geldsysteem is soa krom at ‘t maar kin! ‘t Maken fan geld is in hannen fan private femilys en banken, die’t in private hannen binne. Werdeur at je ‘n ekonomy kreëre, die’t altyd groei norig het. In 2008 hewwe wij ‘n krisis had. Die is deur ‘n prot geld bij te drukken ferholpen, maar ‘t wankelt. Groate kâns dat d’r nag ‘n flinke klap komt. Dan kin ‘t soamaar weze, dat ‘t hele distribússy-systeem stilfâlt. En dan binne in drie dagen de súppermetten leeg.”

Voedselbos

Wat kan je als burger hiertegen doen, vraagt Jan zich af. Uiteindelijk weet hij het: je moet terug naar de kern. ,,Wat hewwe je as mîns norig? ‘n Dak boven ‘t hoofd, wermte, en eten en drinken. Wij motte sien, dat wij lokaal weer eten ferbouwe, sonder bestridingmiddels en kûnstmest”. Hij verdiept zich hier verder in, en leest informatie over permacultuur. Dat is voor Jan het gouden ei; hij begint in 2015 aan een jaaropleiding permacultuur. ,,Prachtig. Dat ‘t eten ferbouwen op ‘n heel ândere menier kin en dat je dan besonder eten krije met feul meer foedingsstoffen. Sonder de booiem aarmer te maken. Soa kist hele gebieden herstelle. Dat leek mij goed.”

Zo ontstaat het idee om een voedselbos te realiseren op het Bildt. Hij gaat ermee naar dorpsbelang, dat enthousiast reageert. Binnen de kortste keren meldt zich een aantal vrijwilligers dat hier de schouders onder wil zetten. Het team gaat aan de slag om het voedselbos een feit te maken. Snel gaat het niet vanwege ‘bureaucratische rompslomp’, vooral op het gebied van vergunningsaanvragen en bodemonderzoek. ,,Wij binne nou twee jaar doende en ‘t is nag niet klaar. Maar ik dink dat wij an ‘t eand fan dut jaar echt an de slag kinne.”

Vastbijten

Kortom, divers is het leven van Jan de Vries zeker te noemen. Hij vindt het mooi, al die verschillende bezigheden, maar aan de andere kant ook ,,heel ferwarrend”. Hij bijt zich echt vast in iets als hij ermee bezig is, en kan hierdoor moeilijk schakelen tussen de ene activiteit en de andere. Hierdoor komt het voor dat hij een tijdlang geen muziek schrijft. ,,Ik mot alleen weze om te skriven en ik mot ok gewoan ‘n antal uren d’rfoor sitten gaan. ‘t Rôlt niet út de mou, ‘t is echt werken.”

Maar hoeveel projecten hij ook om handen heeft, muziek zal altijd onlosmakelijk verbonden zijn met zijn leven - zoals dit eigenlijk altijd al is geweest. ,,Ik sit wel faker met mînsen, die’t in de mezyk sitte. Dan binne se stopt en na soafeul tiid binne se doch weer doende. Ik dink dat je d’r moeilik los fan komme. En dat is goed. Ik fyn ‘t mooi om mezyk te maken.”

Martine van der Linden