Een geweldsdode in 2021 door politiekogel

Een moord telde Friesland niet in 2021. Wel een geweldsdode. De 28-jarige Andries Booi uit Boelenslaan kwam in september door een politiekogel om het leven.

Het onderzoek naar dit drama dat zich voltrok in de nacht van 15 op 16 september is in handen van de rijksrecherche. Die heeft dit nog niet afgerond. Dat geldt ook voor het schietincident begin augustus bij winkelcentrum De Centrale in Leeuwarden.

Een 40-jarige Leeuwarder liep daar rond met een nepwapen. Toen de gewaarschuwde agenten hem sommeerden dit te laten vallen, ging hij er vandoor. De politie vuurde vervolgens meerdere kogels af. De man werd uiteindelijk getroffen en gewond afgevoerd naar het ziekenhuis.

En dan was er in juni een schietpartij in de Leeuwarder Vrijheidswijk. Een 62-jarige man schoot eerst op zijn 54-jarige echtgenote en sloeg daarna de hand aan zichzelf. De vrouw raakte zwaar gewond, de man overleed.

Op 7 november werd de 50-jarige Nathalie de Meer in het Groningse Muntendam om het leven gebracht door haar 55-jarige man. De Meer, die afkomstig was uit Harlingen, had te kennen gegeven te willen scheiden.

Twee doden per jaar

Gemiddeld worden er in Friesland per jaar twee mensen vermoord. In 2020 ging het om vier slachtoffers, in 2019 om een. 2017 betekende een dieptepunt, toen vonden er tien levensdelicten plaats.

Dit jaar zijn er drie drugslabs, in Miedum, Minnertsga en Kootstertille, opgerold. Alle kwamen in het begin van het jaar aan het licht. In 2020 ging het om twee drugsfabriekjes, die in de eerste maanden van dat jaar werden ontdekt.

Er waren in 2021 een paar grote rechtszaken. In maart verschenen 22 verdachten in de drugs-, wapen- en witwaszaak Vidar weer voor de rechtbank. Ze kwamen een jaar eerder in beeld na een drugsvangst op de A7, vlak voor de Duitse grens.

De mannen werden erbij gelapt door een overgelopen maat. Deze criminele burgerinfiltrant verraadde zijn kameraden uit zijn oude milieu voor geld en een nieuwe identiteit. De inhoudelijke behandeling van de zaak Vidar vindt in februari 2022 plaats. Daarvoor zijn 25 zittingsdagen uitgetrokken.

Een 35-jarige man uit Ferwert werd in mei veroordeeld tot dertien jaar cel voor het bijna doodslaan van zijn minnares uit Dokkum en het in brand steken van haar huis. De man, die de opgelegde straf ,,echt belachelijk’’ en ,,ongelooflijk’’ vond, houdt vol onschuldig te zijn en is in beroep gegaan.

Uitbuiting

In juni moesten een pooier, een chauffeur, een huisvriend en zes klanten van een 15-jarig meisje uit Drachten voor de rechter verschijnen. De mannen hadden haar uitgebuit, haar naar klanten gereden en/of seks met haar gehad. Hun straffen lopen uiteen van 30 maanden cel tot een dag vast gevolgd door een taakstraf.

Degene die haar aanzette tot prostitutie, werd in oktober berecht. Deze 38-jarige man uit Alkmaar wist de Drachtster via Facebook voor zich te winnen door zich voor te doen als de 21-jarige Ilona Kaspers. Hij werd veroordeeld tot dertig maanden cel, waarvan tien voorwaardelijk.

Aan het 36-jarige ‘kringloopkopstuk’ uit Oosterwolde legde de rechtbank in juli elf jaar cel op vanwege drugs-, wapen- en mensenhandel. Zijn rechterhand, een Groninger met Sloveense roots, moet negen jaar vastzitten. Ze voerden hun illegale praktijken uit vanuit de kringloophal in Oosterwolde. Totaal verschenen er tien verdachten voor de rechtbank in deze zaak, Ultegra genaamd, waarvan er drie zijn vrijgesproken.

Intimidaties en straatraces

En dan waren er nog twaalf ‘Wolvegangsters’, deel uitmakend van een groep die het Weststellingwerfse dorp al tijden in zijn greep hield met intimidaties en straatraces. De opluchting in Wolvega was dan ook groot toen de mannen in december 2020 werden aangehouden.

Spil van de vermeende bende zouden drie broers van Somalische afkomst zijn, aangevuld met kwetsbare vrouwelijke drugskoeriers en in financiële nood verkerende handlangers. In juni vond de regiezitting plaats.

De voormalige hulpjes waren volgens hun advocaten zo bang voor de drie broers dat ze niet tegelijkertijd met hen op een zitting durven te verschijnen. De vraag van de raadslieden luidde dan ook of de rechtbank daar maar vast rekening mee wilde houden bij de inhoudelijke behandeling.