Secretaris SchuldHulpMaatje Waadhoeke zwaait af: ‘Wie hulp vraagt bij geldproblemen is juíst krachtig’

REGIO ,,Het is géén falen om hulp in te moeten roepen voor je financiën. Integendeel: het is een teken van kracht als je durft toe te geven dat je het alleen niet redt. Als je er op tijd bij bent, heb je bovendien de meeste kans dat je snel weer zonder sores verder kunt. Gewoon doen dus!”

Met een hartgrondige oproep aan mensen die moeite hebben om rond te komen, neemt Liesbeth Muilwijk – Huis uit Sint Annaparochie afscheid van SchuldHulpMaatje Waadhoeke. Vanaf het prille begin in 2016 was ze secretaris van het bestuur van stichting Lyk is Ryk, zoals de lokale afdeling van de landelijke vrijwilligersorganisatie officieel heet. Met het pensioen van haar echtgenoot en een waarschijnlijke verhuizing in het verschiet, heeft ze haar taak overgedragen aan Anneke Politiek uit Franeker.

,,Het was een hele onderneming, met name omdat je als bestuur continu op zoek bent naar voldoende inkomsten om de ondersteuning door de landelijke organisatie, de opleiding en bijscholing van de Maatjes te kunnen bekostigen. Nu de gemeente Waadhoeke een mooie subsidie heeft toegezegd, komen we wat dat betreft in wat rustiger vaarwater. Dus in die zin neem ik op een goed moment afscheid”, zegt Liesbeth.

,,Ik ben er trots op dat we een stichting op poten hebben gezet met een mooi aantal Maatjes, die goed zijn toegerust om mensen die het niet redden te helpen. Daarmee zijn we van toegevoegde waarde voor bijvoorbeeld diaconieën. Diakenen staan van oudsher in nauw contact met mensen die hulp nodig hebben. En vaak zijn ze heel goed in staat om acute problemen op te lossen, of in ieder geval te verlichten, met een gift of hulp in natura. Een voedselpakket, een nieuwe wasmachine desnoods. Maar achter die calamiteit zit vaak een dieper probleem. Een situatie van structureel niet rondkomen en daardoor schulden opbouwen. Je kunt niet van diakenen verwachten dat ze bekwaam zijn om hulpvragers dáármee te helpen. Maar helemaal met lege handen staan ze niet, want ze kunnen nu altijd aanbieden om een Maatje voor ze in te schakelen.”

Preventie

Sinds de Maatjes aan het werk zijn – de eerste vier haalden in het voorjaar van 2018 hun certificaat, inmiddels zijn er tien – weten diaconieën coördinator Adriaan Stap nog niet heel goed te vinden. Van de 41 hulptrajecten die de afgelopen drie jaar werden opgestart zijn slechts vier te linken aan een diaconie. Met de meeste hulpvragers – negentien - legde Adriaan contact nadat zij zelf een noodkreet hadden geuit via een van de landelijke websites van SchuldHulpMaatje. Verder kwamen er nog zestien aanmeldingen via de gebiedsteams van de gemeente Waadhoeke en twee via de Regiobank.

Liebeth noemt het positief dat veel mensen zelf aan de bel trekken, maar ze noemt het jammer dat hun situatie meestal al erg problematisch is. ,,SchuldHulpMaatje focust in de landelijke voorlichting erg op preventie. Als je bijvoorbeeld weet dat je baan binnenkort ophoudt, zou je eigenlijk meteen moeten vragen of een Maatje mee wil kijken hoe je met minder geld rond kunt komen. Maar dat gebeurt niet of nauwelijks. Ik snap dat wel, mensen denken toch vaak ‘ik zal het wel redden’. En er komt op dat moment nog wel geld binnen. Pas als ze écht thuis zitten, in de ww of de bijstand, wordt de ernst van de situatie duidelijk.”

Consumptiemaatschappij

Als bestuurslid kreeg Liesbeth – zonder dat er namen werden genoemd – van Adriaan en de Maatjes wel het een en ander te horen over de problemen waar hulpvragers mee kampen. In veel gevallen gaat het om mensen die simpelweg heel weinig te besteden hebben, doordat ze al jaren in de bijstand zitten. Maar er zijn er ook die best een goed inkomen hebben, maar toch in de schulden zijn beland omdat ze teveel op krediet hebben gekocht.

,,Dat is een symptoom van de consumptiemaatschappij. Al die reclames, maar ook berichten als ‘De gemiddelde Nederlander geeft 109 euro uit aan Sinterklaascadeautjes’, ze wekken de suggestie dat je er pas bij hoort als je veel geld uitgeeft aan spullen. Daar zijn mensen gevoelig voor. En het wordt ze ook wel héél gemakkelijk gemaakt om meer geld uit te geven dan ze hebben. Wij konden vroeger niet anders dan sparen voor wat we wilden kopen. We kregen dat ook van huis uit mee. Maar als een internetwinkel van alles aanbiedt voor ‘een tientje per maand’, dan moet je echt sterk in je schoenen staan om daar niet op in te gaan. Want wat is nou een tientje?”

Geduld

Liesbeth vindt het bewonderenswaardig dat de Maatjes geen oordeel uitspreken over de oorzaak van de problemen. En ook dat ze de hulpvrager niet alles uit handen nemen om het op te lossen. Mensen moeten zélf aan de slag om bijvoorbeeld toeslagen aan te vragen of betalingsregelingen te treffen, het Maatje geeft alleen suggesties en houdt de vinger aan de pols. ,,Ik vrees dat ik daar het geduld niet voor zou hebben.”

In een nieuwe woonplaats zal ze zich dan ook niet snel als Maatje aanmelden bij de lokale SchuldHulpMaatje-afdeling, verwacht ze. ,,Laat mij dan maar liever dozen inpakken bij de Voedselbank bijvoorbeeld. Als Maatje zou ik waarschijnlijk teveel gaan pushen, of heel snel zeggen: ‘laat mij maar even’. Daar help je mensen natuurlijk niet écht mee.”