Boek Jan Buisman over zinderende zomers en weergaloze winters in negentiende eeuw

Het zevende deel in de serie over duizend jaar weer van auteur Jan Buisman is onlangs uitgebracht. De auteur beschrijft het weer in de periode 1800 tot 1825.

FRANEKER - 40 graden in Nederland. Dat is in zeker duizend jaar niet eerder gebeurd, zo blijkt uit het zevende deel in de serie van Jan Buisman. Integendeel stelt Buisman: onze voorouders leefden in de Kleine IJstijd. Met ouderwets koude en lange winters, sommige weergaloos. Maar het weer is grillig met ook zinderende zomers.

In 1819 was de zomer warm en extreem droog. Net als nu 200 jaar later. Ook toen waren er muizenplagen en droge rivierbeddingen. Weinig nieuws onder de hete zon zou je denken. Maar niets is minder waar. Het nieuwe, bijna 1000 pagina’s tellende boek van Jan Buisman, dat deze week verschijnt, barst van weerfeiten die volgens de auteur nooit eerder zijn gepubliceerd.

In de serie Jan Buisman (94) toegekomen aan de negentiende eeuw. Deel 7 bestrijkt de jaren 1800-1825. Interessante en meeslepende jaren, aldus Buisman. Het begint meteen al met de zwaarste storm sinds eeuwen in november 1800. In Amsterdam waaien tientallen mensen de grachten in.

1000 doden

En het sluit af met de grootste natuurramp van de negentiende eeuw, de overstromingen van 1825, toen grote delen van Nederland onder water kwamen te staan; het is de laatste grote Zuiderzee-ramp, met over het hele land bijna 1000 doden.

Ook verder was dit een spannende tijd, met het grote drama van Napoleons barre tocht in Rusland; en de Belgische slagregens en modderbaden waarin hij uiteindelijk zijn Waterloo vond. Maar ook een veel minder bekende invasie van de Britten in Zeeland, de ontploffing van het Leidse kruitschip, de uitbarsting van de Tambora met alle gevolgen voor het klimaat, en nog veel meer.