Handhaven wonen arbeidsmigranten levert problemen op

FRANEKER – De regels voor het huisvesten van arbeidsmigranten zijn duidelijk. Lastiger zal het worden om deze regels te hanteren. Alleen al in Sint Jacobiparochie zijn 42 woningen in gebruik voor arbeidsmigranten, dat mogen er volgens de regels slechts acht zijn. Hoe brengen we 42 woningen terug naar acht vroeg Marcel van der Vaart, voorzitter van plaatselijk belang Sint Jacobiparochie zich af.

Duidelijk werd op de presentatie van het advies van de werkgroep huisvesting arbeidsmigratie in het Kernteam Omgeving dat Waadhoeke afwijkt van de rest van Nederland. In de rest van het land verblijven hoofdzakelijk ‘longstayers’, arbeidsmigranten die minstens een jaar in Nederland blijven. In Waadhoeke is zeventig procent ‘shortstayers’ die slechts enkele maanden in Nederland zijn en daarna terug keren naar hun vaderland. Integratie in de samenleving zit er dan niet in en de bewoners hebben steeds wisselende buren wat als vervelend wordt ervaren.

Een fenomeen wat in de rest van het land niet bekend is, zijn de ‘circulaire arbeidsmigranten’. Zij komen een aantal maanden naar Nederland om te werken en keren dan terug naar hun vaderland. Na een paar maanden komen ze opnieuw naar Nederland. Dit zou vooral te maken hebben met het arbeidsaanbod in de omgeving, er is niet een jaar rond werk voor ze.

Aantallen zijn schattingen

Johan van der Craats van Expertisecentrum Flexwonen vertelde over de aantallen arbeidsmigranten: ,,Er zijn geen goede harde bronnen waar arbeidsmigranten geregistreerd staan, dat is een probleem. We moeten het doen met schattingen. In Waadhoeke werken minimaal 1200 en maximaal 1850 arbeidsmigranten, er wonen minimaal 1500 en maximaal 2200. Dat er meer wonen dan werken kan te maken hebben met het feit, dat ze buiten Waadhoeke werkzaam zijn. Bijvoorbeeld in Harlingen of net over de Afsluitdijk.’’

Niet op recreatieparken

Wietske Schober lichtte het advies van de werkgroep, bestaande uit bewoners van de dorpen en wijken, huurdersverenigingen, werkgevers, uitzendorganisaties, aanbieders van huisvesting, woningcorporaties, de gemeente en arbeidsmigranten zelf, toe. ,,Nu de cijfers bekend zijn, willen we de huisvesting meer handen en voeten gaan geven. Zo geniet vrijkomende bebouwing waar geen andere functie voor te vinden is, de voorkeur. Grootschalige huisvesting – meer dan vijftig arbeidsmigranten in één complex – past niet binnen Waadhoeke. Bovendien hebben we de voorkeur voor longstayers of circulaire arbeidsmigranten, nu zijn de shortstayers nog in de meerderheid. Dat willen we proberen om te buigen.’’ De werkgroep stelt dat er geen huisvesting mag zijn in recreatieparken, wat juist de voorkeur heeft van arbeidsmigranten zelf: ,,Die zijn er voor een andere doelgroep en moeten beschikbaar blijven voor het toerisme.’’ Schober merkte op dat het ontbreken van accurate cijfers frustrerend is en dat een goede registratie van groot belang is voor een goed beleid.

 

Sint Jacobiparochie en Berltsum vragen zich af hoe ze terug kunnen gaan naar de 1-procent norm. Slechts 1 procent van de woningen in een kern mag bewoond worden door arbeidsmigranten. Beide dorpen zitten daar nu ruim boven. De werkgroep gaf aan dat er van de norm afgeweken mag worden mits er voldoende draagvlak is en er voldaan wordt aan de SNF-norm (Stichting Normering Flexwonen).