Kaatsverhaal: De overwinnende Ninovieter

FRANEKER

Eddy de Vries heeft tien kaatsverhalen geschreven. De komende weken zijn ze te lezen in deze krant. Het eerste verhaal gaat over ‘De overwinnende Ninovieter’.

Strijder op het slagveld in België, krijger op het kaatsveld in Friesland. Maar voor de Ninoofse soldaat August Van Lierde eindigen de gevechten op 11 september 1914, wanneer hij bij de verdediging van Antwerpen gewond raakt.

De Denderstreek, waar hij geboren is, en Friesland delen een passie: het jeu de pelote en het kaatsen. Het bindmiddel tussen beide is kaatsspeler en garentwijnder August van Lierde.

Van Lierde belandt in Nederland, eerst in een ziekenhuis in Middelburg, maar al snel in een interneringskamp in Harderwijk. Kaatsminnend Friesland kent deze naam, net als die van zijn landgenoten Herphelin of een Hoyois.

Het was het hoofdbestuur van de NKB niet ontgaan dat in de verschillende interneringskampen kaatsende geïnterneerde Belgen zaten. De heren Westra en Van der Zee reizen af naar Harderwijk. Meester Westra vraagt de sportief aangelegde kampleiding, toestemming om de Belgen mee te laten kaatsen in de Friese competitie. Er zal dan in de kampen wel internationale wedstrijden moeten worden gehouden.

De toestemming komt er, maar in het begin zijn de Belgen niet opgewassen tegen de Friezen. Het schort hen aan techniek en kracht. Zo is de opslag ver beneden peil, veel ballen worden buiten de perklijnen geslagen en wanneer ze wel binnen vallen zijn een te mooie prooi voor de Friezen.

Maar ook die vreemde taal vormt een barrière. Van Lierde lijkt dit als één der eersten door te hebben. Tijdens het spel begrijpt men wel ongeveer hoe en wat te doen, maar na afloop in de kleedruimte is de taal een struikelblok.

Elke week koopt hij de ‘Sljucht en Rjucht’ en met wat hulp lukt het hem de taal te ontcijferen. Al redelijk snel kan hij de taal verstaan en na een tijdje ook een beetje spreken. Maar de kracht en techniek zijn nog steeds niet op acceptabel niveau.

In de winter van 1915 op 1916 wordt er elke dag getraind en in de eerst volgende lente kaatsen de Belgen in Wijnaldum. De Belgen slaan hier, zoals in het Belgische spel niet gebruikelijk is, met twee handen op. Van Lierde boekt hiermee succes, maar Herphelin kan hier maar niet aan wennen en slaat na een tijdje weer met één hand op.

De man valt op bij de Friese kaatsers en samen met Ids Roukema van Harlingen en Rinse Brink vormen ze een partuur op de PC van 1916. Brink wordt tot koning uitgeroepen en dat wil van Lierde ook ervaren.

De PC van 1917 gaat een Belgische overwinning worden. Van Lierde slaat voor best op, en het zal de kroon op zijn werk worden, de Koningsbal is van hem. Wanneer hij op zijn verjaardag; 10 december 1918 eindelijk weer naar zijn vaderland terugkeert, is hij in Friesland uitgegroeid tot een fenomeen.