Tentoonstelling in Sint Joris Tsjerke

OOSTERBIERUM

Als veelgebruiker van het kerkhof was het logisch dat uitvaartvereniging De Laatste Eer in Oosterbierum aanschoof bij de werkgroep voor de officiële opening van de gerenoveerde begraafplaats van de Sint Joris Tsjerke. Bij de renovatie werd de al maar uitdijende heg om het kerkhof vervangen door een sierlijk hekwerk. Ook kwam er een nieuw grindpad. “In stik nofliker foar ús dragers, se ha no folle mear romte en boppedat kinne je de grêven no ek sjen fanôf de wei”, vertelt Jetske Nouta, secretaris van de uitvaartvereniging en lid van de werkgroep

De traditie getrouw

Wat de dragers in Oosterbierum betreft? Die kunnen wel wat ruimte gebruiken. Acht man sterk dragen ze, de kist op het schouder, de overledene naar zijn of haar laatste rustplaats. “Dat hoopje wy noch hiel lang trochsette te kinnen”, voegt Jetske eraan toe. De traditie getrouw en in onze jachtige tijd best bijzonder te noemen. Van het een kwam het ander. Ulbe Tjallingii, predikant in Oosterbierum, zocht naar een ingang om de kerk op de kaart te zetten tijdens de dorpsreünie ter gelegenheid van het 100-jarig bestaan van de christelijke Oranjevereniging. Zijn idee van een zomertentoonstelling werd vervolgens uitgewerkt in een drietal thema’s. Tegelijk met de officiële opening van de gerenoveerde begraafplaats in juni, werd de tentoonstelling geopend.

Jetske nam het thema ‘Te hôf’ voor haar rekening en dook in de oude notulenboeken: “It hat in soad tiid koste, mar ik ha it mei in protte nocht dien.” Het resultaat mag er zijn. Te hôf is tot leven gebracht in drie fraai ingerichte tableaus en twee vitrinekasten, onder andere met een ode aan de bode, bijzondere verhalen en notulenboeken. Daarin vraagt ene Jan Heeringa zo’n 100 jaar geleden ‘om de jaarvergadering voortaan bij lichte maan te houden, daar het anders, met het oog op de slechte wegen ondoenlijk is voor de buitenlui om ter vergadering te komen’.

De meer algemene thema’s ‘De Mienskip’ en ‘De Tsjerke’ geven ook een boeiende inkijk in het Oosterbierum van weleer, waaronder de geschiedenis van de katholieke evacués uit Limburg in Protestants Oosterbierum in 1945. Of eerder, het verhaal achter het graf van het Hongaarse jongetje Zoltán Ecsedij, dat op 13-jarige leeftijd als pleegzoon van de familie Bruinsma overleed op 31 juli 1924.

Eén vraag blijft onbeantwoord. Hoe kijken mensen over 50/100 jaar aan tegen 2018? Waar bewaren wij onze herinneringen voor nieuwsgierigen in de toekomst? Het antwoord zal niet te vinden zijn in dichtbeschreven notulenboeken met doorhalingen en aantekeningen in de kantlijn. Zal er iemand zijn die dan nog weet dat de jongens en meisjes van club ieder najaar ‘appelsmots’ maken en verkopen voor een goed doel?

De tentoonstelling is nog tot en met 8 september te zien tijdens de openingstijden van Tsjerkepaad, elke zaterdag van 13.30-17.00 uur.