Aanwijzingen voor een vroegere ringwalburcht (800-1200) bij Sint Annaparochie

Sint Annaparochie

Sytse Keizer publiceert maandelijks voor de Franeker Courant.

Keizer onderzoekt sinds begin 2013 de ontstaansgeschiedenis van het Bildt over de periode van het jaar 100 tot 1505. In deze lange versie zal ik vooral de volgende stappen van de landschapsbiografie van de ringwalburcht bespreken: Natuurlijke processen Tijdsbalk Kaartstudie van de topografie Luchtfoto’s Het landschap lezen Hoogteverschillen. Natuurlijke processen 800 n Christus RUG 800 n Christus Vos, de Ried loopt tot De geul, de Boorne/Burdine. Op deze plaatjes, de kaartreconstructie van de Rijks Universiteit Groningen links, van Peter Vos rechts, is te zien, hoe Billând erbij lag in 800 n Christus. Het bestond al uit een breed, ondiep estuarium (Middelzee) met door het midden een wat diepere geul (Bordine, Boorne), die tussen de Zwette en Zwarte Haan liep. Aan weerskanten de oeverwallen, daarvoor door de zee gevormd langs de aangelegde terpen en zomerdijkjes. Al in de jaren 800-1200 n Christus (Tijdens de Duinkerke III-a afzetting) was het maaiveld van het Oudland op een hoogte van gem. 0,50 + NAP. Het estuarium van Billând lag toen gemiddeld op een hoogte van het 0-punt van het NAP. De kwelders, het “Uytland” slibden vanaf 800 n Christus op naar de hoogte van 1,50-1,75, wat later tot heden inklonk tot gem. 1,00 + NAP. Dit is nu nog duidelijk te zien aan de boormonsters die hier genomen zijn. De gemiddelde zeespiegel lag 0,00 +- NAP en de gemiddelde vloedhoogte op 1,20-1,50 + NAP, BOELES, 1927 P.C.J.A. Friesland tot de elfde eeuw, p. 38, HERMA M van den Berg ,1983 “De monumenten van geschiedenis en kunst, Noordelijk Oostergo Ferwerderadeel en Henk Baas, 2000, Ontgonnen verleden, Landview. Boormonster op ’t Bildt karakteristiek 1: Gemiddeld ´n meter opgebild met klei, daaronder fijn zand, komt ’t meest voor op ’t Billand. Deze meter klei is ontstaan toen de Burdine (Boorne) nog als rivier verbinding had met de zee. Als bij hoogwater de rivier buiten de oevers trad, zweefde de klei in ’t water boven de uiterwaarden, om daar op ten duur neer te slaan. Dit vond vooral vanaf 800 n Christus hier aan de kust plaats in ’t wijde deel van het estuarium, 'uiterwaarden' tussen de oeverwallen in de Middelzee, later Billând. Zo ontstonden dikke, opgebilde 'komgronden' van vette klei van bijna 2 m dik, die later inklonken tot een dikte van ca 1m. Na de bedijking (ongeveer ´t jaar 1200) met de vier dammen in de geul en de zomerdijken aan weerskanten hiervan (ter hoogte van de Skrédyk/Langstraat, Zuidhoekstermiddelweg, Middelweg/Westerdyk en Monicke-dijck- Oude Bildtdijk) op de uiterwaarden van de Middelzee, bleef de geul binnen de dijken en werd het natuurlijk rivierproces (met de tijbeweging) aan banden gelegd. In 1287 is tijdens en direct na de overstromingsramp van dat jaar fijne klei van de Zuiderzee aangevoerd en neergeslagen over ’t Billând via de geul, de Sitkens Rijdt die ontstond door de zware aanval van de zee. Deze was breed en lang en lag van de Westhoek richting Zwette. Al gauw daarna in 1300 n Christus legden de monniken een kanaal aan door deze lagune om het Billând daar te ontwateren. Boormonster karakteristiek 2 met een diepere laag klei (dieper dan 1m), daaronder fijn zand Daar waar zoeen grondstructuur op Billând aangetoond wordt met een boormonster, is sprake van menselijk handelen. Daar bevinden zich namelijk geulen, eerder gegraven kanalen, grachten (ring walburcht) dichtgesmeten met de lokaal aanwezige klei. In deze tijd rond 800 n Christus, speelden zich de volgende gebeurtenissen af: (Bron: kroniek Billând).

Tijdsbalk

3 500 (ongeveer) Nederzetting bij Utgong (Berlikum), te zien op kaart in 'Een Uytland gheheten Bil', Leendert Ferwerda, blz. 10) 4 526 Romeinen verdwenen. 5 716 Friese Koning Radbout verslaat Karel Martel bij Keulen 6 734 Karel Martel wint de veldslag teugen Keuning Poppo, opvolger van koning Radbout op de Boorne, de Franken heerser over Fryslân. 7 800-1100-1200 Bedding Middelzee van Zwette-Beetgummermolen, over nu St.-Anne, Ouwe-Dyk: bewesten Nij Altoena-Kadal 8 800 Noormannen vallen Fryslân in via Middelzee, Vliestroom en Lauwers/Eems. 9 800-1191 Utgong (Berlikum) was een belangrijke handelsnederzetting op een strategische plek, op de splitsing van de bedding van de Middelzee en de Ried. De bewoners van Utgong kunnen een ring walburcht hebben aangelegd in de monding van de Middelzee, zoals in Zeeland. Mogelijk is die burcht deur Noormannen en bewoners ver(her)overd. Uitloop Ried loopt om ring walburcht heen. 10 rond 800 Oorlog tussen Karel de Grote en Deense koning Godfried. (Noormannen) 11 807 De Noormannen vallen Fryslân in met vloot 200 schippen. 12 810 De Noormannen, onder leiding van koning Godfried, beginnen met hun rooftochten in Fryslân. 13 840 Tot 900 Lodewijk de Vrome (Franken) dood, verdediging Fryslân stort in elkaar, Friezen onder Deens gezag 14 843 Verdrag Verdun, basis voor Frankrijk en Duitsland. 15 992 Utgong, handelshaven Berlikum, verwoest door Noormannen 16 1100 Aanleg Griene Dyk 17 1163 Klooster Mariëngaarde Hallum gesticht 18 1170-1190 Vaarroute klooster Mariëngaarde via Waddenzee - bedding Middelzee 800-1200 richting ring walburcht. Tot ca 1170 was de afwatering van de Boorne nog op zee gericht. Met ’t water in beweging bilde ’t land niet gauw op. Maar met de aanleg van veel (zomerdijken (800-1200) en ’t groter worden van de Zuiderzee (door stormen) stroomde ’t water minder in de zeeslinken en meer over de Wadden- en Noordzee. De tijbeweging bij Billând stopte vooral eind 12e eeuw, toen de zomerdijken vanaf de Skredyk tot de Ouwe-Dyk werden aangelegd en de zeekust afgesloten Alleen bij hoog water kwam de zee nog over de zomerdijken heen 't Water kwam daar tot rust, ’t opbillen – verlanding eindigde toen langzamerhand. Bron: “De loop van het Friese water”, 2004 G. ter Haar en P.L. Polhuis, blz. 31. 20 1191 Utgong, handelshaven Berlikum, opnieuw verwoest door Noormannen. 21 1190 tot 1300 Vaarroute Franeker-verlengde Ried om de walburcht heen, bewesten Nij Altoenae, uitgang bij nu Kouwe Faart-Swarte Haan-Waddenzee/Noordzee. 22 Na 1010/1191 Ring walburcht verlaten, in verval?

Billând 1100 n Christus

De geul, de Burdine, Boorne, wat doorgezakt richting oeverwal Minnertsga-Beetgum en wat breder, Rechtsboven een oeverwal door verdere landaanwinning. De geul is breder, meer opbillen van het Billând. 800 n Christus RUG Overzicht Billând 800. n Christus Detail Sint Annaparochie Zuidoost In dit gebied hier ten Zuidoosten van Sint Annaparochie heb ik zeer sterke aanwijzingen gevonden voor een Ringwalburcht. Ik heb vooral de volgende sporen gevolgd op mijn zoektocht: - Detail pre-kadastrale kaart 1737. De buitenkant van de wal van klei is in ’t zuidwesten te zien. een Stuk van de binnenkant is meer noordelijk waar te nemen - De veldnamen (toponiemen) die hier nog steeds worden gebruikt. Overzicht ontstaan ringwalburcht (800-1200) - schematisch Zoeen ringwalburcht kon in de Middelzee ontstaan vanuit een oude kreek met als basis een hogere walkant (oever) De wallen waren 2-3 meter hoog, de diameter van de walburcht hier bij Sint Annaparochie bleek na lang intensief onderzoek buitenwerks ongeveer 1250 m. te zijn, inclusief gracht. De rivier de Ried, die we de vorige keer ook al op een kaart van 100 n Christus konden waarnemen speelde ook een belangrijke rol bij het ontstaan en behoud van dit bouwwerk vanaf 800 n Christus Eigenlijk kan de burcht zijn ontstaan uit de oude kreek aan de westkant (nu industrieterrein “de Wissel”) en de Ried, die daar aan de Noordoostzijde om heen liep. Dergelijke burchten zijn langs de Middelzee of op andere plekken in Fryslân en Groningen ten oosten van ’t Vlie nog niet gevonden Wel zijn ze vooral in Zeeland aangetroffen, waar de plaatsnamen naar verwijzen die eindigen op “burg.” Voorbeelden zijn Middelburg, Souburg, Domburg, Rijnsburg en Den Burg (Texel). Ik zal in dit artikel verslag doen van mijn studie/onderzoek van en naar de andere sporen van dit dus uniek stukje geschiedenis van toen Billând. Het volgende plaatje laat zo'n ringwalburcht zien.

Reconstructie ringwalburcht Domburg

Deze burchten worden ook wel Volksburchten of Vluchtburchten genoemd en de meesten zijn aangelegd tussen de 9e en 12e eeuw. Ze zijn bij de rivieren en langs de noordkust van Europa aangelegd als bescherming tegen de invallen van de Noormannen. De functie kon per gebied en periode verschillen. De geleerden zijn er nog niet over uit wie deze verdedigingswerken hebben ontworpen. Ze zijn eerst vooral gebruikt om naar toe te vluchten (verdedigend /beschermend) zowel voor het opkomende water als voor vijanden en dienden ook als steunpunten van koninklijke en grafelijke gezaghebbers (Franken, lokale edelen). Later worden ze aangelegd naar het Deense model, met de cirkel als kenmerkende vorm (de tekening) en hadden ze een meer militaire (aanvallende) en ondersteunende functie. De wal van klei kon worden versterkt met een palissade van hout. De burcht had vier walpoorten met een valbrug. Tussen die poorten lag een pad dat de burcht in vier kwadranten opdeelde. Hij kan gebruikt zijn voor bewoning en als toevluchtsoord voor de bewoners van de belangrijke en grote handelsnederzetting in de buurt, Utgong, het latere Berltsum. De vaarwegen konden tot 1200 nog door de Noormannen worden bevaard.

Kaartstudie van de topografie, luchtfoto’s

Tegenwoordig zijn de contouren van de ringwalburcht nog duidelijk te zien op de meer gedetailleerde kaarten. 1737 Statenkaart overzicht Basisvorm is cirkel (naar Deens model dus van de Vikingen) geen ellips. Ook volgens de hoogtekaart moet de oorspronkelijke walburcht zuiver cirkelvormig hebben geweest (zie verderop). 1737 Statenkaart detail Detail pre-kadastrale kaart 1737. De buitenkant van de wal van klei is in ’t zuidwesten te zien. Een Stuk van de binnenkant is meer noordelijk waar te nemen. 1832 Kadaster. Overzicht 1832 Kadaster detail De richting van de Middellijn West-oost wort bepaald door de nog duidelijke rand van de percelen daar (Kalma’s pad), in het verlengde: de boerderij (nu Bijlsma). 1949 luchtfoto 1959 Luchtfoto het nog zichtbare Westelijke deel van de cirkel (ring), tekent deze zeer duidelijk af. Nu in combinatie met de kaartconstructie 800. (RUG): Hier zien jullie een overzicht van de situatie op 't Bildt in 800. (Op de achtergrond de kaart van nu) De bedding van de Middelzee ligt dan 'over Sint Annaparochie heen.' De ring walburcht is in rood aangegeven.

Het landschap lezen

Projectie Ring walburcht Sint Annaparochie op Google Earth met de belangrijkste toponiemen. Statenkaart 1737, de eerste kaart van ’t Bildt met de percelen in detail, HPP/Ring walburcht Mijn ontdekkingstocht stap voor stap: 1. Op twee plekken, west en noordoost, een duidelijke cirkelvorm (over 70 graden knik buitenkant van de half afgevlakte wal en over 30 graden knik binnenkant van de bijna volledig afgevlakte wal,met elkaar een 100 graden van de 360). De breedte van de wal is redelijk precies te meten út de detail-dwarsdoorsneden. (Lees ok 7) Oorspronkelijke wal/gracht en twee andere verschijningsvormen: Redelijk intact (type A) en wal wat uitgezakt, en voor een deel in de gracht geschoven (type B-vooral Noordwest kwadrant van de Ringwalburcht) en de knik op ’t land. (Studie Sytse Keizer hier niet verder aangegeven) 2. Breedte van de wal is ongeveer 100 meter 3. ‘t Middenpad west-oost is voor een groot deel herkenbaar in perceelsgrenzen. (Kalma's pad.) 4. ’t Middelpunt is dan te vinden en de binnendiameter te bepalen, is ongeveer 750 meter. 5. ‘t Middenpad noord-zuid is daardoor ook te tekenen, haaks daar op. 6. Ook aan ‘e hand van overgebleven contouren van de gracht bij nu Johannes Bijlsma (vroeger de Gele Plaats) is de breedte van de gracht in te schatten op zoeen 150 meter. De buitenrand van deze gracht was daar nog lang de grens van een paar stukken land. Wat ik daarna ook kon vinden: 7. Aan de hand van de interpretatie van (detail) dwarsdoorsneden (noordoostzijde) en twee over de volle breedte, is vast te stellen dat eerst (800-1170) de walburcht als een ring doorliep. Meer boormonsters zullen dit kunnen onderbouwen. De afmetingen die nu (ongeveer) kunnen worden vastgesteld: Binnendiameter: 750 m. Breedte wal: 100 m. Breedte gracht: 150 m. Buitendiameter is dan: 750+2x100+2x150 = ongeveer 1250 m. De Ried liep hier omheen, richting Waddenzee. (800-1170) 8. Een eventuele uitloop van de ringwalburcht in zuidoostelijke richting. Dit is nog niet aangetoond. 9. Punt 9 wordt volgende maand besproken (Toponiem, “voorste en achterste balkje”) ,,De eerste kastelen werden in de Vroege Middeleeuwen gebouwd. Lokale edelen hadden een landgoed te leen gekregen van de Frankische koningen (zie: Leenstelsel). Na Karel de Grote verdween de macht van de Frankische koningen. De lokale edelen kregen hierdoor meer macht, maar moesten ook hun grondgebied beschermen tegen aanvallen van andere edelen en/of de Vikingen. Sommige edelen bouwden ter bescherming een primitief kasteel: een ringwalburg. Een ringwalburg was een 2 tot 4 meter hoge aarden wal. Soms stond op de wal een houten muur en was er een gracht. Binnenin de wal stond de woning/boerderij van de heer en de belangrijkste gebouwen als stallen en schuren. Bij gevaar schuilde de lokale bevolking binnenin de wal. Vanaf 1000 na Christus kwam er een nieuw type kasteel bij: het motte kasteel”. Bron: www.psammos.nl

Hoogteverschillen

Algemene Hoogtekaart Nederland (AHN) en dwarsprofielen. De sporen van de ring walburcht. (plaatje onder en boven) Heel duidelijk is de cirkelvormige, sterk ‘uitstekende’ hogere westkant van de wal. Hoogteprofiel Wissel – Langeweg. Op dit hoogteprofiel, dwars over de ringwâlburcht, zijn de wallen van klei en de kom hierin nog goed te zien. Deze zijn door de eeuwen heen al danig afgevlakt. ’t Maaiveld werd opgebild van gemiddeld 0.00 +NAP naar gemiddeld 1.50-1.75 +NAP, later ingeklonken tot gem. 1.00 + NAP. In zwart is aangegeven zoals het was. Detail van de nog duidelijk zichtbare westzijde van de ring walbucht (AHN) Detail Noordwest met kerkhof. Met de klok mee: de nog aanwezige sporen van de straten en kavelgrenzen zijn aangegeven door dikke zwarte strepen. Het verloop van de latere Nassaustraat (open rode pijl) is bepaald door de ring walburcht. ’t Was de grens tussen de gracht en de buitenkant van de ring van de wal daar. Ook kan een latere functie van de wal de plek nog markeren. Het Kerkhof van Sint Annaparochie is namelijk voor een groot deel op en tussen de wat hogere en lossere wal aangelegd. ’t Hoogpâd is ontstaan in de nieuwe rechtlijnige verkaveling van ’t Bildt in 1505, de hoogte van het terrein is blijven behouden, vandaar nog deze naam. Verder bepaalt het laatste stuk van de oude zomerdijk, nu Middelweg-oost, en de overgang van deze dijk naar de ring (hoek Middelweg-Nassaustraat) daar ‘t topografische stratenplan in Sint Annaparochie. Dwarsprofiel haaks op de wal van de ring walburcht, scheef over de volkstuintjes aan de zuidkant van de Nassaustraat in St.-Anne. De wal bezuiden de volkstuintjes achter de Nassaustraat in St.-Anne. De hoogteverschillen van de wal van de ring walburcht zijn hier duidelijk te zien. ‘Oud land’ op 't Bildt! Vriendin Monique Wijffels staat bij ’t hoogste punt. Detail van de wal zuidwest, zuid en zuidoost. Linksboven de nog aanwezige ronde kavelrand. Hier gaat de wal van de ring walburcht de bocht om, tussen de volkstuintjes aan de Nassaustraat en industrieterrein De Wissel in Sint Annaparochie door, van noord naar zuid. Volgende maand maart het vervolg van mijn onderzoek naar de ring walburcht bij Sint Annaparochie in de Franeker Courant met oa. de opsomming van alle gevonden relevante toponiemen in het gebied. Ant kikes. Sytse Keizer sytse.keizer@gmail.com www.sytsekeizer.nl    

Auteur

Jitze Hooghiemstra