Interview: Klas 1952 huishoudschool Franeker kijkt uit naar reünie in Bloemketerp

Franeker

De leerlingen uit de klas van 1952 van de toenmalige huishoudschool Franeker lopen ondertussen allemaal tegen de tachtig jaar. Op 7 oktober zien zij elkaar weer.

Dan is het vijfenzestig jaar geleden dat zij hun diploma haalden aan de school, waar nu appartementen staan. In gedachten van de dames staat ‘hun’ school er echter nog altijd. Aan de tijd van toen bewaren de dames dan ook warme en mooie herinneringen. Die worden bij de reünie in Bloemketerp opgehaald. Tussen 14.00 en 19.00 uur komen zij er samen voor koffie, een borrel en een buffet. Dat er voor Bloemketerp is gekozen heeft te maken met de fysieke gesteldheid van een aantal van de dames. Voorheen ging de groep gezamenlijk bijvoorbeeld ook wel naar Wier of Zwarte Haan. Een aantal zit ondertussen in een rolstoel. Omdat Bloemketerp een trappen heeft, is voor die locatie gekozen, ,,Net als onder schooltijd de stad ingaan wat wij toen deden, lukt de meesten van ons niet meer. Sommigen kunnen amper meer lopen. Het leuke is echter dat we elkaar weer zien het reilen en zeilen van elkaar kunnen horen en verhalen kunnen ophalen”, zegt de 77-jarige Baukje Sjoerdsma uit Berltsum. Samen met de oorspronkelijk uit Berltsum afkomstige Griet van der Schaaf en Janna Duiker, die haar roots heeft in Menaam, zit zij in de organisatie.

Zeventien dames

In totaal zij er zeventien dames aanwezig bij de reünie. Dat is niet de hele klas. Drie van hen zijn ondertussen overleden. Terwijl er door omstandigheden ook afzeggingen zijn. ,,Het was echter niet moeilijk om de dames, die verspreid over heel Nederland wonen, bij elkaar te krijgen. De meeste hebben onderling namelijk nog contact.” De verhalen die worden opgehaald zullen ongetwijfeld gaan over de grote groepen die door weer en wind op de fiets naar school gingen. Ook het winkelen zal ongetwijfeld aan bod komen. ,,Als we ’s middags vrij waren, gingen we de stad in om onder andere stofjes te kopen of te winkelen.” Dat de dames op de huishoudschool terechtkwamen werd overigens bepaald door hun achtergrond. Begin jaren vijftig was het nog gemeengoed dat arbeiderskinderen op de huishoudschool of ambachtsschool thuishoorden. Terwijl kinderen van middenstanders en boeren naar de Mulo of Ulo gingen. Kinderen van uit de hogere sociale klassen gingen naar het gymnasium of HBS. Een kleine, elitaire groep kreeg bovendien de kans om verder te studeren aan de universiteit.

Gezinsverzorging in Groningen

Voor Sjoerdsma was dat niet anders. Als de meisjes op 15- of 16-jarige leeftijd hun diploma haalden, gingen zij de meestal meteen aan het werk in een winkel, in de huishouding of in een ander verzorgend beroep. Daar waren zij ook voor opgeleid met vakken als: naaien, breien, kinderverzorging, tuinonderhoud en bijvoorbeeld koken. Daarnaast kregen zij taal, rekenen, geschiedenis en bijvoorbeeld gymnastiek. ,,Zelf heb na de huishoudschool nog voor gezinsverzorging geleerd in Groningen. Ik had net als veel van de meisjes meer in mijn mars. Van mijn vader mocht het. Tot mijn 22ste heb ik ook in de gezinsverzorging gewerkt. Toen ben ik getrouwd en ben ik gestopt. Zo ging dat in die tijd, de man werkte en de vrouw deed het huishouden”, zegt de nog altijd kwieke Sjoerdsma, die met haar man nog wel, die samen met haar man nog twaalf jaar lang Slagerij Sjoerdsma in Berltsum runde.

'Elkaar zolang als mogelijk blijven zien'

Ook met klasgenoten waarmee Sjoerdsma leerde voor gezinsverzorging heeft zij nog altijd nauw contact. Met hen komt zij jaarlijks nog driemaal samen. ,,Zolang als het mogelijk is hoop ik dat die groep en onze klas van 1952 aan de huishoudschool nog samen kan komen.” (Tekst Jitze Hooghiemstra)

Auteur

Jitze Hooghiemstra