COLUMN | ‘Eindelijk een Minister van Onderwijs die zelf heeft lesgegeven’

FRANEKER

Anton de Man start vandaag met een maandelijkse column in de Franeker Courant.

De Man was vroeger onderwijzer aan de lagere school. Op zijn 82ste vond hij tijd om te promoveren tot doctor. De nu 86-jarige De Man is de herontdekker van Frans Hemsterhuis, de zoon van Franeker die uitgroeide tot de bekendste filosoof van Europa. Ook strijdt hij al jaren voor echte vakministers. Daarnaast pleitte De Man in 2015 al voor een leerstoel in Franeker voor de filosoof Frans Hemsterhuis. Hieronder de eerste column van dr. Anton de Man. Tijdens deze kabinetsformatie heb ik een schone droom: er komt een Minister van Onderwijs die zelf onderwijzer is geweest. Om te zorgen dat West-Friesland in de wereld weer vooroploopt, zoals in de Gouden Tijd, willen wij op Onderwijs iemand die lesboer is van zijn vak. Ik hoor niet tot degene die roepen , dat er dus meer geld in de pot moet. Ik hoor wél tot degenen die roepen: alleen wie zelf les kan geven mag onze scholen leiden. Kijk, onze vorige ministers, mevrouw Jet Bussemaker, Mijnheer Plasterk en Mijnheer Loek Hermans zijn allemaal kundige mensen . Daar niet van. Maar zij hadden bij hun vak moeten blijven. Daar waren zij geweldig in. Echter, schoenmaker blijf bij je leest. Het gaat om Basisonderwijzers. Negenennegentig procent van ons Nedelanders zijn door het BASIS- onderwijs gegaan. En toen wij 12 jaar oud waren, stonden wij aan de top van onze intellectuele vermogens. Geef je dan als minister leiding aan die honderdduizenden, verpruts het dan niet. Doe net wat je vak niet is. Laat anderen het doen, als je nooit zelf voor deze kleine kinderen hebt gestaan. Niet doen waar je niet goed in ben. Onze beste onderwijsminister ooit was Jos Gielen. Hij was onderwijzer uit een klein smokkelaarsdorpje in Brabant. Sint Willebrord heet het, ook wel Het Heike genaamd. Als meester had hij veel kinderen in de klas waarvan de ouders onrechtmatig geld verdienden met smokkelen. De vaders verkochten boter en sigaretten uit België zonder bandarol en de zoontjes glazen knikkers uit Vlaanderen voor acht voor een cent. Maar brave mensen, allemaal. Als het dak van de kerk stuk was, lagen er snel en gratis fonkelnieuwe dakpannen op. Minister Gielen was onderwijzer aan kinderen van tien. Zijn broer in Rucphen, tien kilometer verderop, was beroemd als meester van jochies van tien. Hun zonen en neven, Huub en Jan Gielen waren onderwijzers. De hele familie bestond uit tantes die lesgaven aan het Brabantse volkje.

Ontslag ambtenaren

Toen Gielen minister werd begon hij met vierhonderd ambtenaren te ontslaan die regels zaten te ontwerpen die voor hem niet nodig waren. Schoolborden wilde hij en krijtjes. Latere onderwijsministers waren anders. Minister Cals was advocaat geweest. Minister Bot Indonesiëkenner. Minister Plasterk bioloog. Mevrouw Bussemaker universitair bestuurder. Toegegeven, knappe mensen in hun stiel. Maar geef ons voor de basisscholen nu een echte ouderwetse Meester. Die vijfhonderd strafregels laat schrijven door iedere ambtenaar die niet weet waar Franeker ligt. Anton de Man (antondema@gmail.com)

Auteur

admin