COLUMN | Schoenen om van te houden

Franeker

Welke vrouw houdt nu niet van schoenen? Ik moet de vrouw nog tegenkomen die niet meer dan tien paar schoenen bezit.

Op 17 juni wordt de nieuwe zomertentoonstelling van Museum Martena geopend: ‘Wie het breed heeft. Thuis bij Sophia van Vervou en Wytze van Cammingha’. De tentoonstelling draait hoofdzakelijk om twee levensgrote portretten van Martenahuisbewoonster Sophia van Vervou (1613-1671) en haar man Wytze van Cammingha ((1592-1641). Een aanzienlijke bijrol is weggelegd voor de schoenen die Sophia’s man Wytze aan zijn voeten heeft en de vergelijkbare exemplaren die in de tentoonstelling in een vitrine staan.

Wytze van Cammingha is Vrijheer van Ameland en een van de rijkste mensen van Friesland. Sophia is trouwens niet minder rijk. Als pasgehuwden laten zij zich tussen 1632 en 1634 portretteren door Wybrand de Geest.

Voor de gelegenheid hebben ze zich mooi uitgedost, waarbij vooral Wytzes schoenen opvallen. Ze hebben een hoge hak (wil Wytze graag wat langer lijken?) en een enorme rozet op de neus. Hoe groter hoe beter zal Wytze gedacht hebben. In het leer is een gaatjespatroon aangebracht. Het lijken vrouwenschoenen, maar in de zeventiende eeuw was de scheiding tussen heren- en damesschoeisel niet altijd duidelijk.

Vergelijkbare schoenen zijn in de vitrine te bewonderen. Het zijn vrouwenschoenen, maar ze lijken erg op Wytzes exemplaren. De schoenen zijn van donkerbruin leer en ze hebben een bewerkt t-bandje. Op de neus zitten geen rozetten maar ze sluiten met linten. De hoge hakken zijn met leer bekleed.

Deze schoentjes hebben ook een gaatjespatroon in het leer, en als je goed kijkt zie je dat de gaatjes de vorm van hartjes hebben. Op de hak zit ook een stiksel in de vorm van een hartje. Ze zouden niet misstaan in een hedendaagse schoenencollectie.

Elke liefhebber van mooi schoeisel kan zijn hart eraan ophalen, het zijn echt schoentjes om van te houden!


Auteur

Redacteur